• Niet praten, maar doen!
  • Mens erger je niet, neem een vaktherapeut!
  • Hoe vind je het zelf gaan?
  • Verander nu het kan!

Gebre (25) : Ik heb het kunnen delen

Door mijn verstandelijke beperking ging ik naar het speciaal onderwijs. Mijn vrienden zaten op de havo. Hierdoor voelde ik me anders. Met mijn donkere huid viel ik nog eens extra op. Nu weet ik, dat heeft niks met mij persoonlijk te maken.

 

Moeder met kind in draagdoek (50 x 65 cm; conté en houtskool)


Vijf jaar geleden was ik depressief en kwam ikbijna mijn bed niet meer uit. Ik verborg mijn gevoelens. Ook gebruikte ik drugs en alcohol.
Het ging niet goed met me. Ik was onzeker over mijn adoptieverhaal. Ik dacht heel vaak, als ik nou eens één dag in Afrika kon zijn bij mijn biologische ouders en als zij nou eens één dag hier bij mij konden zijn. Het voelde ongemakkelijk om een adoptiekind te zijn. Ik wist nog niet zo veel over mezelf. Ik moest mezelf leren kennen. Al vanaf dat ik een kind was had ik een droom, die me de kriebels gaf. Het was een beeld dat ik achterop de rug van mijn moeder zat in een draagzak. Ik heb het visioen getekend als een soort tunnel zonder kleuren of details. Het is een beeld dat opkomt uit het niets. Ik heb het opgevuld met zwart, dat benadrukt het droomachtige. Was het mijn moeder? Of was het een droom? Dat is een groot vraagteken voor mij. Ik weet niet wat de waarheid is. Ik ben geen snelle prater, ik houd de dingen
een hele poos voor mezelf, dan ga ik piekeren- tekenen is veel directer en makkelijker.


 

Met liefde gegeven (10 x 17 cm; klei)


Dit is een kommetje van twee handen met een kindje erin. Het baby-tje heeft een klein hoofdje, dunne armen en benen en een luchtbuik door ondervoeding. Dat ben ik. In Ethiopië heeft mijn moeder mij het leven gegeven. Daarna heeft ze me afgeleverd in het tehuis en toen ben ik bij mijn adoptieouders terechtgekomen in Nederland. Hierdoor kon ik blijven leven. Dat is een geschenk. Ik heb dat niet altijd zo ervaren, maar toen dit werkstuk af was, kon ik het écht zo voelen. Eerst wilde ik het beeld van hout snijden, maar dat leek ons toch te moeilijk. Ik heb het van klei gemaakt, dat kon ik makkelijker bewerken, je kunt aan klei stukjes toevoegen of weglaten. De binnenkant van de handen is wit, kijk maar, net als mijn eigen handen. Het glazuur glanst mooi. Het moest twee keer gebakken worden. Dat was heel spannend want het kon scheuren. Dat zou heel naar zijn geweest. Ik hoopte wel dat alles heel zou blijven. Gelukkig is het zonder barstjes uit de oven gekomen. Ik heb er ook nog een Ethiopische draagtas bij gemaakt, om de hand met het kind in te leggen. Het werkstuk ligt nu bij mijn ouders op de vensterbank. Als geschenk

.

 

Afrika (40 x 18 x 12 cm; steen)


Ik heb de steen zelf uitgezocht in een stenenwinkel in Soest. Deze steen komt uit Afrika. Eerst heb ik het ontwerp in klei gemaakt, want als je meteen in steen hakt, is het weg. Het hakken, slijpen en doorbeitelen was heel emotioneel. De steen biedt weerstand, je moet er doorheen. Het is veel werk, het kost kracht, energie en tijd. Het kostte moeite om de vorm te hakken, van het beginpunt naar het eindpunt.
Er kwam nogal veel woede naar boven. Tijdens de dagen dat ik aan de steen werkte kon ik mijn negatieve gevoelens kwijt op een goeie manier. Ik had de steen ook kapot kunnen slaan, maar dat deed ik niet. Het zijn gewoon mooie vormen geworden. Aan het eind van de therapie heb ik een tentoonstelling georganiseerd. Ik besloot zelf wie daarbij mochten zijn: mijn ouders, mijn zus en iemand van de groepsleiding. Ik heb al mijn werkstukken opgesteld en mijn verhaal erbij verteld. Ik was trots en kreeg goede reacties.